Bij de inlichtingeneenheid van de ACM werken uitsluitend ambtenaren die door de ACM zijn aangewezen om de gegevens, inlichtingen en/of bescheiden ter beschikking gesteld door de informant in ontvangst te mogen nemen. De identiteit van de informant is alleen bij de inlichtingeneenheid bekend. De inlichtingeneenheid van de ACM garandeert dat de identiteit van een informant niet breder binnen de ACM bekend wordt gemaakt. De ambtenaren van de inlichtingeneenheid verwijderen informatie die de identiteit van de informant kan onthullen, voordat zij gegevens, inlichtingen en/of documenten binnen de ACM verspreiden.
De inlichtingeneenheid van de ACM spant zich in om de anonimiteit van een informant buiten de ACM te waarborgen. De inlichtingeneenheid maakt met een informant nadere schriftelijke afspraken over de mate van inspanningen die zij en de informant zullen verrichten om ervoor te zorgen dat zijn of haar identiteit niet bekend wordt gemaakt. In uitzonderlijke gevallen kan toch aanleiding bestaan de identiteit van een informant buiten de ACM bekend te maken. Dit kan onder meer het geval zijn wanneer:
In een beroepsprocedure de rechter de ACM daartoe verplicht;
sprake is van een misdrijf waarvoor aangifteplicht geldt;
op basis van een gerechtelijk bevel een ambtenaar van de inlichtingeneenheid van de ACM als getuige onder ede wordt gehoord;
een ambtenaar van de inlichtingeneenheid van de ACM onder ede wordt gehoord in een parlementaire enquête.
Artikel 3
Waarborgen geheimhouding identiteit
Onderdeel van Werkwijze informanten ACM 2017· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 20 september 2017