Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Maximum premieloon bij afwijkend loontijdvak in verband met vakantiebonnen, vakantietoeslagbonnen of daarmee overeenkomende aanspraken

Onderdeel van Regeling tot vaststelling premiepercentages werknemers- en volksverzekeringen, maximumpremieloon werknemersverzekeringen en opslag kinderopvangtoeslag 2018· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2018

1. Het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, eerste zin, van de Wet financiering sociale verzekeringen voor werknemers als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, onderdeel a, van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 bedraagt in 2018 voor een verlengd loontijdvak van: een kwartaal: € 15.436,40; een maand: € 5.144,98; vier weken: € 4.749,04; een week: € 1.187,26; en een dag: € 237,45. 2. Het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, eerste zin, van de Wet financiering sociale verzekeringen, voor werknemers als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, onderdeel b, van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 bedraagt in 2018 voor een verlengd loontijdvak van: een kwartaal: € 14.490,31; een maand: € 4.830,10; vier weken: € 4.458,28; een week: € 1.114,57; en een dag: € 222,91.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel