Een vermoeden van fraude of misbruik van een rekening als bedoeld in artikel 9.8.4.4 van de wet bestaat in elk geval, indien:
de handelingen met betrekking tot de rekening afwijken van het gebruikelijke patroon van handelingen met betrekking tot die rekening;
derden zich mogelijk toegang tot de rekening hebben verschaft, of
de rekeninghouder een vermoeden van fraude of misbruik heeft geuit.
Een vermoeden van fraude of misbruik van een rekening als bedoeld in artikel 9.8.4.4 van de wet bestaat in elk geval, indien:
de handelingen met betrekking tot de rekening afwijken van het gebruikelijke patroon van handelingen met betrekking tot die rekening;
derden zich mogelijk toegang tot de rekening hebben verschaft, of
de rekeninghouder een vermoeden van fraude of misbruik heeft geuit.
Hoofdstuk 2 › § 3
Artikel 41
Artikel 41
Onderdeel van Besluit energie vervoer· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 20 juni 2026