Het gedeelte, bedoeld in artikel 9.8.4.5, eerste lid, van de wet, bedraagt:
voor de raffinaderijhouder, ten hoogste tien procent van het aantal raffinagereductie-eenheden dat door het bestuur van de emissieautoriteit op zijn rekening is bijgeschreven in het kalenderjaar dat direct voorafgaat aan de datum, bedoeld in artikel 9.8.4.5, eerste lid, van de wet;
voor de leverancier tot eindverbruik, bedoeld in artikel 9.7.1.1, van de wet, ten hoogste twintig procent van het percentage, bedoeld in de artikelen 3, zesde lid, 5a, vijfde lid, en 5d, vierde lid, dat hij minimaal verschuldigd is over het kalenderjaar dat direct voorafgaat aan de datum, bedoeld in artikel 9.8.4.5, eerste lid, van de wet;
voor de onderneming, bedoeld in artikel 25, ten hoogste 45.000 raffinagereductie-eenheden.
Het gedeelte, bedoeld in artikel 9.8.4.5, eerste lid, van de wet, bedraagt:
voor de raffinaderijhouder, ten hoogste tien procent van het aantal raffinagereductie-eenheden dat door het bestuur van de emissieautoriteit op zijn rekening is bijgeschreven in het kalenderjaar dat direct voorafgaat aan de datum, bedoeld in artikel 9.8.4.5, eerste lid, van de wet;
voor de leverancier tot eindverbruik, bedoeld in artikel 9.7.1.1, van de wet, ten hoogste twintig procent van het percentage, bedoeld in de artikelen 3, zesde lid, 5a, vijfde lid, en 5d, vierde lid, dat hij minimaal verschuldigd is over het kalenderjaar dat direct voorafgaat aan de datum, bedoeld in artikel 9.8.4.5, eerste lid, van de wet;
voor de onderneming, bedoeld in artikel 25, ten hoogste 45.000 raffinagereductie-eenheden.
Hoofdstuk 2 › § 3
Artikel 43
Artikel 43
Onderdeel van Besluit energie vervoer· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 20 juni 2026