Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1 › § 4

Artikel 7

Artikel 7

Onderdeel van Besluit energie vervoer· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2025

1. Vloeibare biobrandstof die aan de Nederlandse markt geleverd wordt, kan slechts worden ingeboekt in het register door een onderneming die: houder is van een vergunning voor een accijnsgoederenplaats als bedoeld in artikel 1a, eerste lid, van de Wet op de accijns voor minerale oliën; geregistreerd geadresseerde is als bedoeld in artikel 1a, eerste lid, van de Wet op de accijns voor minerale oliën; of importeur is. 2. De onderneming, genoemd in het eerste lid, die vanaf een andere dan zijn eigen accijnsgoederenplaats levert aan de Nederlandse markt, voert een massabalanssysteem als bedoeld in artikel 30, eerste lid, van de richtlijn hernieuwbare energie over de accijnsgoederenplaats of belastingentrepot. 3. Vloeibare biobrandstof die wordt ingeboekt in het register, voldoet aan de duurzaamheids- en broeikasgasemissiereductiecriteria, bedoeld in artikel 29, tweede tot en met zevende lid en tiende lid, van de richtlijn hernieuwbare energie. 4. In afwijking van het derde lid voldoet vloeibare biobrandstof die vervaardigd is uit niet van landbouw, aquacultuur, visserij of bosbouw afkomstige afvalstoffen en residuen, ook indien deze afvalstoffen en residuen in een product zijn verwerkt alvorens ze verder wordt verwerkt in een vloeibare biobrandstof, aan de broeikasgasemissiereductiecriteria, bedoeld in artikel 29, tiende lid, van de richtlijn hernieuwbare energie. 5. Voor vloeibare biobrandstof die wordt ingeboekt in het register is geen exploitatiesubsidie betaald. 6. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor het aantonen, bedoeld in artikel 9.7.1.1, onderdeel «leveren aan de Nederlandse markt». Artikel II van Stb. 2024/427 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging. 1. Vloeibare biobrandstof die aan de Nederlandse markt voor vervoer geleverd wordt, kan slechts worden ingeboekt in het register door een onderneming die: houder is van een vergunning voor een accijnsgoederenplaats als bedoeld in artikel 1a, eerste lid, van de Wet op de accijns voor minerale oliën; geregistreerd geadresseerde is als bedoeld in artikel 1a, eerste lid, van de Wet op de accijns voor minerale oliën; of importeur is. 2. De onderneming, bedoeld in het eerste lid, die ingevoerd LPG vervaardigd uit biomassa aan de Nederlandse markt voor vervoer niet levert vanaf zijn opslaglocatie of een opslaglocatie waarover zijn certificering zich uitstrekt, voert in afwijking van artikel 9.7.4.2, eerste lid, onderdeel b, van de wet, alleen een massabalans van biobrandstoffen. 5. Leveringen van vloeibare biobrandstoffen aan de sector binnenvaart die leiden tot de bijschrijving van een emissiereductie-eenheid conventioneel, alsmede leveringen van vloeibare biobrandstoffen aan de sector zeevaart die leiden tot de bijschrijving van een emissiereductie-eenheid conventioneel of bijlage IX-B, zijn van de toepassing van paragraaf 9.7.4 van de wet uitgesloten. 6. Voor vloeibare biobrandstof die wordt ingeboekt in het register is geen exploitatiesubsidie betaald. 7. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor het aantonen, bedoeld in artikel 9.7.1.1, onderdeel «leveren aan de Nederlandse markt» van vervoer, de soort brandstof waarin de vloeibare biobrandstof is bijgemengd en de bio-ethanol die voor inboeking in aanmerking komt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel