Het Zorginstituut verdeelt het bedrag dat in artikel 2 van de Aanwijzing beschikbaar is gesteld voor de overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv als volgt over de Wlz-uitvoerders:
een bedrag van € 1.471.000 op basis van het aantal bij hen ingeschreven verzekerden op 1 juli 2017 dat aanspraak kan maken op verstrekkingen en uitkeringen ingevolge de Wlz;
een bedrag van € 2.942.000 op basis van het aantal bij hen ingeschreven verzekerden dat aanspraak kan maken op verstrekkingen en uitkeringen ingevolge de Wlz, waarbij verzekerden, die op 1 juli 2017 vijfenzestig jaar of ouder zijn, dubbel tellen;
een bedrag van € 0,290 miljoen verdeeld over de twee Wlz-uitvoerders die niet zijn aangewezen als zorgkantoor en ook geen deel uitmaken van een groter concern;
een voorwaardelijk bedrag van ten hoogste € 9,850 miljoen dat uitsluitend bestemd is voor onafhankelijke cliëntondersteuning. Dit bedrag wordt verdeeld op basis van de door de Wlz-uitvoerders opgegeven en door de NZa goedgekeurde kosten die zij voor de onafhankelijke cliëntondersteuning voor het kalenderjaar 2016 hebben opgegeven in hun financiële verantwoording;
een bedrag van € 0,169 miljoen voor de Wlz-uitvoerder die de minister van VWS heeft aangewezen voor het uitvoeren van het project ‘Leven zoals je wilt’;
een bedrag van € 72,600 miljoen op basis van het aantal bij hen ingeschreven verzekerden dat aanspraak kan maken op verstrekkingen en uitkeringen ingevolge de Wlz, waarbij verzekerden, die op 1 juli 2017 vijfenzestig jaar of ouder zijn, dubbel tellen.
§ 2
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Beleidsregels ter verdeling besteedbare middelen beheerskosten Wlz-uitvoerders Wlz 2018· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 2 juni 2018