Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1 › § 3

Artikel 10

Artikel 10

Onderdeel van Regeling energie vervoer· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 20 juni 2026

1. De inboeker beschikt over een administratieve organisatie met maatregelen van interne beheersing en controle die in opzet en werking waarborgen dat hij de hoeveelheid ingeboekte hernieuwbare energie juist verantwoordt. 2. De inboeker van een hoeveelheid geleverde vloeibare biobrandstof of een vloeibare hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong controleert elk kwartaal tegen de overige bedrijfsadministratie: zijn voorraadverloop per soort vloeibare biobrandstof of vloeibare hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong, waarbij de eindvoorraad gelijk is aan de beginvoorraad opgeteld met het saldo van de leveringen in die periode; het totaal van inboekingen in het register, waarbij de inboekingen niet groter zijn dan de leveringen in die periode. 3. Bij het inboeken van een geleverde hoeveelheid hernieuwbare energie vermeldt de inboeker: de in bijlage 3 genoemde gegevens; de gegevens zoals die vermeld zijn op de bewijsstukken. 4. De inboeker bewaart de gegevens en de bewijsstukken, bedoeld in het derde lid, ten minste vijf jaar vanaf het kalenderjaar waarop die gegevens betrekking hebben. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Wet milieubeheer, enz. (implementatie Richtlijn (EU) 2023/2413 (bevordering energie uit hernieuwbare bronnen)) in werking treedt.

Rechtspraak bij dit artikel