**1.** Een onderneming die is gecertificeerd volgens een duurzaamheidssysteem voert een massabalans van biobrandstoffen. Een onderneming die over een opslaglocatie beschikt, voert een massabalans van biobrandstoffen over elke opslaglocatie waar zich fysieke hoeveelheden grondstoffen voor biobrandstoffen en biobrandstoffen bevinden.
**2.** Een onderneming die is gecertificeerd volgens een duurzaamheidssysteem beschikt over een administratieve organisatie met maatregelen van interne beheersing en controle die in opzet en werking waarborgen dat hij een juiste verantwoording aflegt over:
de aard en hoeveelheid ontvangen duurzame grondstof of biobrandstof;
de juiste verhouding tussen de aard en hoeveelheid ontvangen duurzame grondstof en de soort en hoeveelheid geleverde grondstof; en
de hoeveelheid per afnemer geleverde duurzame grondstof of biobrandstof.
**3.** Een onderneming die is gecertificeerd volgens een vrijwillig systeem voert een massabalans van hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong. Een onderneming die over een opslaglocatie beschikt, voert een massabalans hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong over elke opslaglocatie waar zich hoeveelheden hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong bevinden.
**4.** De massabalans van biobrandstoffen dan wel de massabalans hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong is een volledig onderdeel van de bedrijfsadministratie van de onderneming.
**5.** Na afloop van de massabalansperiode:
maakt de onderneming een aansluiting tussen de bedrijfsadministratie van biobrandstof en de massabalans van biobrandstoffen op basis van een betrouwbare voorraadopname van tastbare hoeveelheden biobrandstof; en
bij een vastgesteld verschil schrijft de onderneming de hoeveelheid kenmerken van duurzaamheid in zijn massabalans van biobrandstoffen af ter grootte van het overschot van kenmerken, teniende evenveel kenmerken van duurzaamheid te beheren als de tastbare hoeveelheid biobrandstof in zijn bedrijfsadministratie groot is.
**6.** Na afloop van de massabalansperiode:
maakt de onderneming een aansluiting tussen de bedrijfsadministratie van hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong en de massabalans hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong op basis van een betrouwbare voorraadopname van de desbetreffende fossiele brandstof; en
bij een vastgesteld verschil schrijft de onderneming de hoeveelheid kenmerken van hernieuwbaarheid in zijn massabalans van hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong af ter grootte van het overschot van kenmerken, opdat hij evenveel kenmerken van hernieuwbaarheid beheert als de desbetreffende hoeveelheid fossiele brandstof in zijn bedrijfsadministratie groot is.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Wet
milieubeheer, enz. (implementatie Richtlijn (EU) 2023/2413
(bevordering energie uit hernieuwbare bronnen)) in werking treedt.
Hoofdstuk 1 › § 6
Artikel 25b
Artikel 25b
Onderdeel van Regeling energie vervoer· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 20 juni 2026