Het inwendig oppervlak van een afvoervoorziening voor rookgas heeft, ter voorkoming van verspreiding van voor de gezondheid schadelijke bestanddelen uit de rook, een volgens NEN 2757 bepaalde doorlatendheid die niet groter is dan de doorlatendheid, aangegeven in tabel 4.141.
soort rookgasafvoer
toegestane doorlatendheid
Een overdrukvoorziening als bedoeld in NEN 2757
0,006 x 10-3 m3/s per m2 inwendig oppervlak, gemeten bij een drukverschil van 200 Pa
Een onderdrukvoorziening als bedoeld in NEN 2757
3 x 10-3 m3/s per m2 inwendig oppervlak, gemeten bij een drukverschil van 40 Pa
Hoofdstuk 4 › Afdeling 4.3 › § 4.3.8
Artikel 4.141
(rookdoorlatendheid)
Onderdeel van Besluit bouwwerken leefomgeving· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024