**1.** Door monitoring worden bewaakt:
de jaargemiddelde concentraties in de buitenlucht van:
de chemische samenstellingen van PM2,5, waaronder in ieder geval sulfaat, nitraat, natrium, kalium, ammonium, chloride, calcium, magnesium, elementair koolstof en organisch koolstof;
vluchtige organische stoffen;
de jaargemiddelde achtergrondconcentraties in de buitenlucht van:
arseen, cadmium, kwik, nikkel en benzo(a)pyreen; en
andere relevante polycyclische aromatische koolwaterstoffen dan benzo(a)pyreen, waaronder in ieder geval benzo(a)antraceen, benzo(b)fluorantheen, benzo(j)fluorantheen, benzo(k)fluorantheen, indeen(1,2,3-cd)pyreen en dibenzo(a,h)antraceen;
de jaargemiddelde depositie van:
arseen, cadmium, kwik, nikkel en benzo(a)pyreen; en
de onder b, onder 2°, bedoelde andere polycyclische aromatische koolwaterstoffen;
de totale jaarlijkse antropogene emissies van in Nederland gelegen bronnen van de volgende stoffen:
cadmium, kwik en lood; en
persistente organische verontreinigende stoffen, zijnde polycyclische aromatische koolwaterstoffen, benzo(a)pyreen, benzo(b)fluorantheen, benzo(k)fluorantheen indeen(1,2,3-cd)pyreen, dioxine/furaan, polychloorbifenylen en hexachloorbenzeen; en
de negatieve effecten van de verontreiniging van de buitenlucht op ecosystemen.
**2.** Monitoring vindt plaats door metingen en berekeningen volgens bij ministeriële regeling gestelde regels.
**3.** Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat is belast met de uitvoering van de monitoring.
Voorheen art. 10.13.
Hoofdstuk 11 › Afdeling 11.2 › § 11.2.1 › § 11.2.1.1
Artikel 11.23
(monitoring andere parameters luchtkwaliteit)
Onderdeel van Besluit kwaliteit leefomgeving· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024