**1.** In een zwemlocatie worden door monitoring bewaakt:
de mogelijke overmatige groei van cyanobacteriën;
de neiging tot overmatige groei van macroalgen of marien fytoplankton; en
zwemwaterverontreinigingen door teerachtige residuen, glas, plastic, rubber of ander afval.
**2.** Monitoring van de mogelijke overmatige groei van cyanobacteriën vindt plaats in overeenstemming met het Blauwalgenprotocol.
**3.** Monitoring van zwemwaterverontreinigingen als bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder c, vindt plaats door visuele inspectie.
**4.** De beheerder van het oppervlaktewaterlichaam waarin de zwemlocatie is gelegen, is belast met de uitvoering van de monitoring.
Voorheen art. 10.21.
Hoofdstuk 11 › Afdeling 11.2 › § 11.2.4
Artikel 11.44
(monitoring andere parameters zwemlocaties)
Onderdeel van Besluit kwaliteit leefomgeving· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024