**1.** Voor het afvalwater afkomstig van het reinigen van afgassen dat wordt geloosd op een oppervlaktewaterlichaam zijn de emissiegrenswaarden:
de waarden, bedoeld in tabel 4.68, gemeten in een steekmonster;
voor onopgeloste stoffen 30 mg/l, gemeten in een steekmonster; en
voor totaal organisch koolstof 40 mg/l, gemeten in een steekmonster.
**2.** De zuurgraad van het afvalwater is ten minste pH 6,5 en ten hoogste pH 11, gemeten in een steekmonster.
**3.** Als meer dan twintig steekmonsters per jaar worden genomen, gelden de emissiegrenswaarden voor 95% van die steekmonsters, met uitzondering van de emissiegrenswaarden voor dioxinen en furanen.
Stof
Emissiegrenswaarde in mg/l of ng/l
Kwik
0,01 mg/l
Cadmium
0,03 mg/l
Thallium
0,03 mg/l
Arseen
0,05 mg/l
Lood
0,06 mg/l
Chroom
0,1 mg/l
Koper
0,15 mg/l
Nikkel
0,15 mg/l
Zink
0,5 mg/l
Antimoon
0,85 mg/l
Kobalt
0,05 mg/l
Mangaan
0,2 mg/l
Vanadium
0,5 mg/l
Tin
0,5 mg/l
Som van dioxinen en furanen
0,05 ng/l
Hoofdstuk 4 › § 4.4
Artikel 4.68
(water: emissiegrenswaarden lozing op een oppervlaktewaterlichaam)
Onderdeel van Besluit activiteiten leefomgeving· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024