Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › § 4.83

Artikel 4.838

(bodem: opslag)

Onderdeel van Besluit activiteiten leefomgeving· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024

1. Met het oog op het voorkomen van verontreiniging van de bodem wordt vaste mest, champost of dikke fractie, met uitzondering van gedroogde pluimveemest, opgeslagen: op een aaneengesloten bodemvoorziening, waarbij de vloeistoffen die vrijkomen worden opgevangen; of op een voldoende dikke absorberende laag als de opslag op een locatie niet meer dan zes maanden duurt en tegen inregenen is beschermd. 2. Gedroogde pluimveemest wordt opgeslagen: in een gebouw waar de pluimveemest wordt beschermd tegen weersinvloeden en met een aaneengesloten bodemvoorziening en voldoende ventilatie om condensvorming te voorkomen; in een afgedekte container als de pluimveemest ten minste elke twee weken wordt afgevoerd; of op een voldoende dikke absorberende laag als de opslag op een locatie niet meer dan zes maanden duurt en tegen inregenen is beschermd.

Rechtspraak bij dit artikel