Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV

Artikel 53

De voorlopige herberekening van het deelbedrag kosten geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2019

Onderdeel van Beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2019· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 2 november 2018

1. Op basis van de opgave jaarstaat 2019 per 1 mei 2020 en met inachtneming van de artikelen 12 en 13 van de Regeling, bepaalt het Zorginstituut de kosten van geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2019 voor iedere zorgverzekeraar afzonderlijk, alsmede voor het totaal van de zorgverzekeraars. 2. Het Zorginstituut herberekent het gewicht voor de klasse ‘Geen DKG psychische aandoeningen’ van het criterium DKG’s psychische aandoeningen door het totaal aantal verzekerden in een andere klasse dan ‘Geen DKG psychische aandoeningen’ per klasse van het criterium DKG’s psychische aandoeningen te vermenigvuldigen met het overeenkomstige gewicht en de som van het resultaat vervolgens te delen door het totaal aantal verzekerden in de klasse ‘Geen DKG psychische aandoeningen’, dat af te ronden op twee decimalen en van een negatief teken te voorzien. 3. Het Zorginstituut herberekent met inachtneming van het op grond van artikel 34 bepaalde aantal verzekerden van achttien jaar en ouder het normatieve bedrag kosten van geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2019 voor iedere zorgverzekeraar afzonderlijk, overeenkomstig artikel 27 en 28, alsmede voor het totaal van de verzekerden van achttien jaar en ouder 2019 van alle zorgverzekeraars. 4. Het Zorginstituut berekent de schalingsfactor voor kosten van geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2019 voor verzekerden van achttien jaar en ouder 2019 door de kosten van geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2019 voor het totaal van de zorgverzekeraars, zoals bepaald in het eerste lid, te delen door het in het derde lid herberekende normatieve bedrag kosten van geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2019 voor het totaal van de verzekerden van achttien jaar en ouder 2019 van alle zorgverzekeraars. 5. Het Zorginstituut vermenigvuldigt voor iedere zorgverzekeraar afzonderlijk, alsmede voor het totaal van de zorgverzekeraars het herberekende normatieve bedrag kosten van geneeskundige gezondheidszorg 2019 uit het derde lid met de schalingsfactor berekend in het vierde lid. 6. Het Zorginstituut berekent voor het totaal van de zorgverzekeraars het verschil tussen de uitkomst van de vermenigvuldiging uit het vijfde lid en het herberekende normatieve bedrag uit het derde lid en deelt dit verschil door het totaal aantal bij alle zorgverzekeraars ingeschreven verzekerden van achttien jaar en ouder waarop artikel 24 van de wet niet van toepassing is. 7. Het Zorginstituut vermenigvuldigt per zorgverzekeraar het resultaat na toepassing van het zesde lid met het aantal verzekerden van achttien jaar en ouder waarop artikel 24 van de wet niet van toepassing is, dat bij die zorgverzekeraar is ingeschreven. 8. Het Zorginstituut vermindert per zorgverzekeraar het product voor die zorgverzekeraar berekend in het vijfde lid met het product voor die zorgverzekeraar berekend in het zevende lid. Het resultaat wordt aangeduid als het voorlopige herberekende deelbedrag kosten van de geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2019.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel