**1.** Een statenlid heeft ten laste van de provincie aanspraak op vergoeding van:
reiskosten en, als daar redelijkerwijs aanleiding voor is, verblijfkosten voor het bijwonen van vergaderingen van provinciale staten en commissies, en
reis- en verblijfkosten voor reizen zowel binnen de provincie als daarbuiten, gemaakt voor de uitoefening van de functie.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de hoogte van de vergoedingen en de voorwaarden voor de aanspraken op grond van dit artikel.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 2.1 › Paragraaf 2
Artikel 2.1.7
Reiskostenvergoeding
Onderdeel van Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 9 januari 2025