Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Afdeling 4.1 › Paragraaf 3

Artikel 4.1.12

Waarneming voorzitter

Onderdeel van Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 28 maart 2019

Indien een lid van het algemeen bestuur op grond van artikel 51a, tweede lid, van de Waterschapswet gedurende meer dan dertig dagen onafgebroken met de waarneming van het ambt van voorzitter is belast: wordt zijn vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 4.1.1, eerste lid, voor die tijd ten laste van het waterschap aangevuld tot het bedrag, genoemd in artikel 4.2.1, tweede lid, vermeerderd met een vakantie-uitkering, eindejaarsuitkering en eenmalige uitkering als bedoeld in artikel 4.2.1, vijfde, zesde onderscheidenlijk zevende lid; ontvangt hij voor die tijd in plaats van de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 4.1.6, een vergoeding als bedoeld in artikel 4.2.6, eerste lid, en zijn voor die tijd op hem de regels, bedoeld in artikel 4.2.9, en de artikelen 4.2.10 en 4.2.12 van overeenkomstige toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel