De artikelen Y 25 en Y 26 van de Kieswet zijn van toepassing, met dien verstande dat:
de benoeming, bedoeld in artikel 3, vijfde lid, bij de toepassing van de artikelen V 1 en V 3 tot en met V 10 van de Kieswet wordt aangemerkt als een benoeming in een opengevallen plaats als bedoeld in artikel W 1 van de Kieswet; en
bij het onderzoek van de geloofsbrieven, bedoeld in artikel V 4 van de Kieswet, de vaststelling, bedoeld in artikel 3, eerste lid, kan worden betrokken.
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Wet houdende regeling van de mogelijke toewijzing van extra zetels voor Nederland in het Europees Parlement· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 19 februari 2019