**1.** De technische compatibiliteit, bedoeld in artikel 26h, tweede lid, onderdeel b, van de wet, wordt aangetoond op basis van:
het voldoen aan toepasselijke TSI’s en, voor zover van toepassing op het desbetreffende subsysteem, het voldoen aan nationale voorschriften; en
overeenstemming met de RINF-toepassing, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de uitvoeringsverordening (EU) 2019/777.
**2.** De veilige integratie, bedoeld in artikel 26h, tweede lid, onderdeel c, van de wet, wordt aangetoond op basis van:
de toepasselijke TSI’s en, voor zover van toepassing op het desbetreffend subsysteem, de nationale voorschriften; en
gemeenschappelijke veiligheidsmethoden als bedoeld in artikel 6 van de spoorwegveiligheidsrichtlijn die op het desbetreffende subsysteem van toepassing zijn.
Hoofdstuk 2 › § 3
Artikel 7
Technische compatibiliteit en veilige integratie
Onderdeel van Regeling interoperabiliteit en veiligheid spoorwegen· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2025