**1.** Het beheer als bedoeld in artikel 6b, tweede lid, onderdeel d, van de wet voorziet er in dat:
wapens slechts ter hand worden gesteld aan leden van, of introducés bij, de vereniging, en alleen worden gebruikt in het kader van de uitoefening van de schietsport;
op het gebruik van ter hand gestelde wapens op de vereniging steeds toezicht uitgeoefend wordt door een daartoe aangestelde verenigingsbeheerder;
het ter hand gestelde wapen zo spoedig mogelijk na gebruik aan de verenigingsbeheerder wordt terug gegeven;
het gebruik van de aan introducés of aan leden, voor zover het gaat om leden die geen verlof hebben tot het voorhanden hebben van die munitie, verstrekte munitie onder toezicht geschiedt door de verenigingsbeheerder; en
niet gebruikte munitie na gebruik van het wapen bij de verenigingsbeheerder in bewaring wordt gegeven.
**2.** Aan leden die korter dan één jaar lid zijn van de vereniging of introducés bij de vereniging, worden alleen wapens ter hand gesteld die geschikt zijn voor door Onze Minister bij regeling aangewezen disciplines.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de wet tot wijziging van
de Wet wapens en munitie in verband met de Richtlijn (EU) 2017/853
van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van
17 mei 2017 tot wijziging van Richtlijn 91/477/EEG van
de Raad inzake de controle op de verwerving en het voorhanden hebben
van wapens (PbEU 2017, L 137/22) (34 984) in werking treedt (Stb. 2019/267).
Artikel 5
Beheer van wapens bij een erkende vereniging
Onderdeel van Besluit wapens en munitie· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 23 juli 2019