Naar hoofdinhoud

Artikel III

Algemeen

Onderdeel van Regeling 75 jaar vrijheid· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 1 oktober 2019

1. De aanvrager dient in Nederland gevestigd te zijn. 2. De aanvraag dient betrekking te hebben op gebeurtenissen in de aanloop naar, tijdens of vlak na WOII in Nederland en/of de voormalige koloniën. 1. Bij de verlening van de subsidie wordt de periode waarover de subsidie zich uitstrekt bepaald. 2. Subsidies worden niet met terugwerkende kracht verstrekt. 3. Het recht op een bijdrage vervalt bij overlijden, faillissement of schuldsanering van de persoon, of faillissement van de instelling waaraan een subsidie is toegekend. 4. De subsidie heeft een maximale looptijd van drie jaar, tenzij er sprake is van zwaarwegende omstandigheden die door de aanvrager zijn gemotiveerd. Tijdens de periode waarin een aanvrager aanspraak maakt op een subsidie van het fonds of een andere voorziening gefinancierd uit publieke middelen kan geen subsidie worden verstrekt die naar het oordeel van het bestuur in dezelfde dekking van kosten voorziet. 1. Het bestuur kan een subsidieplafond instellen voor één of meerdere subsidies. 2. Bij bestuursbesluit wordt bepaald bij welke subsidie soorten een subsidieplafond wordt ingesteld en op welke wijze het beschikbare bedrag wordt verdeeld. 3. De besluiten, zoals bedoeld in het tweede lid, worden bekendgemaakt op de website van het fonds. 4. Het bestuur stelt één of meer aanvraagrondes per subsidiesoort vast. De bijbehorende indiendata worden tijdig bekend gemaakt. 5. Bij de openstelling van een aanvraagronde kan het bestuur voor die ronde nadere voorwaarden stellen. 6. Het bestuur kan voor iedere aanvraagronde, als bedoeld in het vorige lid, het budget per subsidiesoort vaststellen. Aan de verstrekking van de subsidie kan het bestuur nadere verplichtingen verbinden met betrekking tot de uitvoering van het plan, de presentatie van de resultaten, de verslaglegging en de afrekening van de subsidie. Geen subsidie wordt verstrekt: aan of voor leden van de Raad van Toezicht van het fonds; aan of voor medewerkers van het fonds, onder wie het bestuur; aan of voor een aanvrager die lid dan wel plaatsvervangend lid is van de adviescommissie die aanvragen voor de betreffende subsidie beoordeelt.

Rechtspraak bij dit artikel