Het hoofd van een archiefvormend orgaan is er verantwoordelijk voor dat van digitale records, naast de in artikel 4 en 5 genoemde registratiekenmerken ten minste de volgende kenmerken worden vastgelegd en bewaard:
de oorspronkelijke technische aard van de digitale records, alsmede van de hard- en softwareomgeving daarvan;
de actuele technische aard van de digitale records, alsmede van de hard- en softwareomgeving daarvan;
voor zover gebruik is gemaakt van de digitale handtekening:
de houder van de digitale handtekening;
het moment van validiteit van de digitale handtekening;
de voor validatie verantwoordelijke functionaris;
voor zover bekend ten tijde van het werkproces: de identificatie van het certificaat van de digitale handtekening.
de beheerder draagt zorg voor de uniforme vastlegging van de functionele eisen ten aanzien van:
de inhoud, vorm en structuur van digitale records, zoals bedoeld in artikel 5 van de beheersregeling;
het gedrag, voor zover dit noodzakelijk is voor het waarborgen van de authenticiteit van de digitale records;
het hoofd van het archiefvormend orgaan is verantwoordelijk voor de juiste uitvoering.
Hoofdstuk 6
Artikel 17
Metagegevens
Onderdeel van Beheersregeling documentaire informatieverzorging NWO· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 31 januari 2020