De secretaris-generaal wordt geacht te hebben ingestemd met de in artikel 3 genoemde mandaatverlening, zodra hij van dit mandaat gebruik heeft gemaakt of ter zake ondermandaat heeft verleend.
Artikel 5
Acceptatie mandaatverlening
Onderdeel van Mandaatregeling onroerende zaken Ministerie van Buitenlandse Zaken buiten Nederland· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 25 april 2020