Eerder heb ik bezwaarschriften tegen de per 1 januari 2017 gewijzigde forfaitaire vermogensrendementsheffing als bedoeld in artikel 5.2, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001, in de aanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (hierna: inkomstenbelasting) over de jaren 2017 en 2018 aangewezen als massaal bezwaar.1De aanwijzing is voor het jaar 2017 opgenomen in het Besluit van 7 juli 2018, nr. 2018-12775 (Stcrt. 2018, 39781) en voor het jaar 2018 in het Besluit van 18 april 2019, nr. 2019-8322 (Stcrt. 2019, 23335). De Belastingdienst verwacht dat veel belastingplichtigen ook voor het jaar 2019 bezwaar zullen maken tegen de vermogensrendementsheffing. Ik heb daarom besloten om bezwaarschriften tegen de vermogensrendementsheffing ook voor het jaar 2019 aan te wijzen als massaal bezwaar. In dit besluit is deze aanwijzing opgenomen.
Met het oog op een efficiënte en eenduidige afdoening wijs ik de bezwaarschriften die betrekking hebben op de in onderdeel 2 vermelde rechtsvraag aan als massaal bezwaar in de zin van artikel 25c AWR.
Artikel 1
Inleiding
Onderdeel van Inkomstenbelasting, aanwijzing bezwaarschriften tegen aanslagen inkomstenbelasting 2019 als massaal bezwaar· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 29 april 2020