De hieronder genoemde bestuursorganen verstrekken op verzoek van het college de volgende gegevens om de inkomsten- en vermogenspositie van de inwoner te bepalen om een plan van aanpak vast te stellen:
de Belastingdienst: de gegevens over inkomen en vermogen die verkregen zijn bij de heffing van belastingen en de premies volksverzekeringen op grond van de Algemene wet inzake rijksbelastingen;
de Dienst Toeslagen: de gegevens over de toekenning van tegemoetkomingen en de daarop verleende voorschotten met toepassing van de Algemene Wet inkomensafhankelijke regelingen;
de Dienst voor het Kadaster en de openbare registers: de gegevens die worden verwerkt in de basisregistratie kadaster;
de Dienst wegverkeer, bedoeld in artikel 4a van de Wegenverkeerswet 1994: de gegevens die worden verwerkt in de basisregistratie voertuigen;
de Kamer van Koophandel: de naam of de handelsnaam waaronder een inwoner handelt en de ondernemingen en rechtspersonen waarbij een inwoner blijkens het handelsregister betrokken is;
het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Wet Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen: de gegevens over de kinder- en partneralimentatie;
de Sociale verzekeringsbank: de hoogte van uitkeringen op grond van de Algemene Kinderbijslagwet, de Algemene Nabestaandenwet, de Algemene Ouderdomswet, de Participatiewet en de Wet uitvoering wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen;
het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen: de inkomensgegevens uit de polisadministratie, bedoeld in artikel 33, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
§ 4
Artikel 14
Gegevensverstrekking van inkomsten en vermogen voor vaststelling plan van aanpak
Onderdeel van Besluit gemeentelijke schuldhulpverlening· Insolventierecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024