Voor de duur van het programma COVID-19 heeft de heer mr. H. van Faassen, programmadirecteur, de bevoegdheid om in naam van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport besluiten te nemen en privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten voor zover deze betrekking hebben op het werkterrein van het programma en met inachtneming van de kaders die gelden voor een Directeur, zoals beschreven in de Mandaatregeling VWS, de Volmachtregeling VWS en de Volmachtregeling personele aangelegenheden VWS 2019.
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Besluit verlenen ondermandaat en ondervolmacht aan programmadirecteur programmadirectie COVID-19· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 9 september 2020