Onverminderd artikel 2, tweede lid, wordt de maatregel als volgt vastgesteld:
bij gedragingen van de eerste categorie: 5% van de berekeningsgrondslag;
bij gedragingen van de tweede categorie: 10% van de berekeningsgrondslag;
bij gedragingen van de derde categorie: 20% van de berekeningsgrondslag;
bij gedragingen van de vierde categorie: 100% van de berekeningsgrondslag.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 11
De hoogte van de maatregel
Onderdeel van Regeling onderstand BES· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2021