**1.** Het bevoegd gezag meldt de inrichting van een tijdelijke nieuwkomersvoorziening onverwijld aan Onze Minister.
**2.** Na een melding als bedoeld in het eerste lid, zendt het bevoegd gezag binnen acht weken een inrichtingsplan aan Onze Minister.
**3.** Het inrichtingsplan, bedoeld in het tweede lid, bevat in ieder geval een beschrijving van:
de wijze waarop de tijdelijke nieuwkomersvoorziening zal worden ingericht;
de wijze waarop de tijdelijke nieuwkomersvoorziening toewerkt naar de zo spoedig mogelijke doorstroom van de leerlingen;
de wijze waarop ten aanzien van de tijdelijke nieuwkomersvoorziening zal worden voldaan aan de zorgplicht, bedoeld in artikel 3.40;
het personeelsbeleid, bedoeld in artikel 2.90 voor zover dat betrekking heeft op de tijdelijke nieuwkomersvoorziening;
de invulling van het onderwijsprogramma, bedoeld in artikel 9.3i.
**4.** Bij de inrichting van het onderwijs wijkt het bevoegd gezag niet af van het inrichtingsplan.
**5.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op de wijziging van het inrichtingsplan.
**6.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de melding, bedoeld in het eerste lid, en over het inrichtingsplan, bedoeld in het derde lid.
Hoofdstuk 9 › Paragraaf 2a
Artikel 9.3h
Inrichting en melding van een tijdelijke nieuwkomersvoorziening
Onderdeel van Wet voortgezet onderwijs 2020· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 11 oktober 2023