Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 9

Bijzondere verplichtingen

Onderdeel van Regeling Cultuureducatie met Kwaliteit 2021–2024 Caribisch Nederland· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 28 november 2020

De penvoerder: is de partij met wie het Fonds de subsidierelatie aangaat. De penvoerder is volledig verantwoordelijk voor de naleving van de subsidieverplichtingen en voor de financiële en inhoudelijke subsidieverantwoording; is verplicht tot kennisdeling, monitoring en evaluatie van de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt; zet in het projectplan uiteen op welke wijze uitvoering wordt gegeven aan kennisdeling; is verplicht deel te nemen aan het landelijke kennisdelingstraject door het Fonds en het LKCA. Bijkomende kosten hiervoor komen voor rekening van het Fonds; reserveert op de begroting een reëel bedrag voor monitoring en evaluatie van activiteiten die in het kader van de regeling worden verricht; bespreekt twee keer per jaar de voortgang van het project met het Fonds en het Openbaar Lichaam; zet in het projectplan uiteen op welke wijze uitvoering wordt gegeven aan het monitoring- en evaluatietraject; is verplicht deel te nemen aan het landelijke traject voor monitoring en evaluatie door het Fonds; stelt het projectplan, verantwoordingen, evaluaties en contactgegevens van de penvoerder beschikbaar voor de kennisdelingsactiviteiten die worden georganiseerd door het LKCA; en onderschrijft de codes die van toepassing zijn op de betreffende sector, waaronder ten minste de sectorcode(s) voor goed en integer bestuur en toezicht, zoals de Governance Code Cultuur, de Fair Practice Code en de Code Diversiteit en Inclusie.

Rechtspraak bij dit artikel