Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Toepasselijkheid

Onderdeel van Deelregeling Kunstenaar Project· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2025

1. Een kunstenaar die een aanvraag doet voor een projectinvestering dient minimaal één jaar als professioneel beeldend kunstenaar werkzaam te zijn. Daarbij geldt: Indien de kunstenaar een hbo-bacheloropleiding met een beeldende kunstcurriculum heeft afgerond wordt de diplomadatum beschouwd als start van de professionele beroepspraktijk. Wanneer er een periode tussen de diplomadatum van de hbo-bacheloropleiding met beeldende kunstcurriculum en de start van de masteropleiding zit, wordt deze periode meegerekend als onderdeel van de professionele beroepspraktijk. Indien de kunstenaar geen hbo-bacheloropleiding met een beeldende kunstcurriculum heeft afgerond wordt het moment waarop de kunstenaar voor het eerst werk presenteert binnen het circuit van de professionele beeldende kunst beschouwd als de start van de professionele beroepspraktijk. 2. Indien een aanvraag wordt ingediend voor deelname aan een postacademische opleiding die niet krachtens de Wet op het specifiek cultuurbeleid in de Basis Infrastructuur is opgenomen, kan de aanvraag direct na het verlaten van de hbo-opleiding worden ingediend. 3. De bijdrage is bedoeld voor artistieke plannen die hetzij in de tijd begrensd zijn, hetzij leiden tot een concreet resultaat of beide, zoals onderzoek, werkperiodes en/of de productie van nieuw werk als tegemoetkoming in de projectkosten en/of tijdsinvestering en kan worden verstrekt in de vorm van: een flexibele bijdrage voor een periode van maximaal twaalf maanden, een vaste bijdrage voor een periode van maximaal zes maanden. 4. Geen vaste bijdrage kan worden verstrekt aan een kunstenaar aan wie korter dan een jaar geleden een Werkbijdrage Jong Talent of een Startbijdrage is toegekend. 5. Indien aan een kunstenaar in een periode van 48 maanden gedurende 24 maanden een bijdrage in de investering in tijd is verstrekt, kan gedurende de resterende periode, uitsluitend een bijdrage in de projectkosten worden verstrekt. 6. Indien een andere partij zoals een museum, een galerie, een bedrijf of een (particuliere) opdrachtgever bij een aanvraag voor een bijdrage betrokken is, dient de financiële bijdrage die deze bij het project betrokken partij levert in een aanvaardbare verhouding te staan tot de bijdrage van het fonds. Indien van toepassing dient een reëel honorarium voor de kunstenaar voor rekening van de betrokken andere partij in de begroting opgenomen te zijn. 7. Geen bijdrage wordt verstrekt voor reguliere werkzaamheden, voor tentoonstellingskosten en andere presentaties van werk, voor reguliere beroepskosten of voor een werkperiode in een gastatelier in binnen- of buitenland die jaarlijks via een openbare oproep door het fonds worden aangeboden.

Rechtspraak bij dit artikel