Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Beoordeling

Onderdeel van Deelregeling Kunst Opdracht· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2021

1. Bij de beoordeling van een aanvraag geeft het bevoegd adviesorgaan een oordeel over het belang van de opdracht voor de hedendaagse beeldende kunst in Nederland en de relevantie van de opdracht binnen de regionale en lokale context. Daarbij worden de volgende criteria gehanteerd in onderlinge samenhang: de rol en kwaliteit van de opdrachtgever, de kwaliteit van het tot het moment van de aanvraag door de kunstenaar opgebouwde oeuvre, de ontwikkeling daarvan, en de kwaliteit van het cultureel ondernemerschap, het belang van het werkplan voor de hedendaagse beeldende kunst wordt beoordeeld op grond van de inhoudelijke kwaliteit van het werkplan en indien van toepassing, de context van de activiteit, het belang van het presentatieplan wordt beoordeeld op de wijze waarop beoogd wordt op een inspirerende wijze een passend publiek te bereiken, de meerwaarde van de samenwerking, de haalbaarheid van het voorstel, de zichtbaarheid van het uiteindelijke werk. 2. Indien het bevoegd adviesorgaan de in het eerste lid van dit artikel bedoelde aspecten niet van voldoende belang acht, komt het tot een negatief advies over de aanvraag. Indien het bevoegd adviesorgaan de in het eerste lid van dit artikel bedoelde aspecten wel van voldoende belang acht, komt het tot een positief advies over de aanvraag. 3. Een positief advies kan vergezeld gaan van een aanbeveling over de hoogte van de toe te kennen financiële bijdrage. 4. Het bestuur kan het bevoegd adviesorgaan verzoeken de positieve adviezen in volgorde van prioriteit te rangschikken op basis van het oordeel zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel