In deze beleidsregel wordt het beleid ten aanzien van het toewijzen van (probleem)protocollen aan (kandidaat-)notarissen, het beheer van protocollen en het wijzigen van vestigingsplaats uiteengezet.
In het Nederlandse rechtsbestel is een belangrijke rol weggelegd voor het notariaat. In de Wet op het notarisambt (Wna) zijn onder meer de benoemingsprocedure, de vereisten waaraan moet worden voldaan om te kunnen worden benoemd tot notaris en de zorg voor het protocol neergelegd. Op grond van artikel 2, eerste lid, van de Wna, houdt het ambt van notaris de bevoegdheid in om authentieke akten te verlijden in de gevallen waarin de wet dit aan hem opdraagt of een partij zulks van hem verlangt en andere in de wet aan hem opgedragen werkzaamheden te verrichten. Het vereiste dat bepaalde rechtshandelingen alleen in de vorm van een notariële akte kunnen worden verricht, is met het oog op de rechtszekerheid en rechtsbescherming. De aktes zijn van belang voor de juistheid van openbare registers en het maatschappelijke vertrouwen in het rechtsverkeer. Het originele exemplaar van een notariële akte – de minuut – behoort tot het protocol van de notaris. Het protocol betreft de minuten, notariële verklaringen, registers, afschriften, repertoria en kaartsystemen die onder de notaris berusten. Het beheer van het protocol maakt deel uit van de notariële ambtsuitoefening.
Mede gelet op het belang van notariële akten voor de rechtszekerheid en het rechtsverkeer is het beroep van notaris wettelijk gereglementeerd. De beroepsreglementering bevat onder meer opleidingseisen, titelbescherming, voorbehouden activiteiten, eisen aan de uitoefening van het ambt en tuchtrecht.
Artikel 1
Inleiding
Onderdeel van Beleidsregel protocollen notariaat· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 11 februari 2021