**1.** In de in bijlage 2 aangewezen beschermde gebieden is het opplanten, bewaren en vervoeren verboden van planten van:
Cotoneaster floccosus, Cotoneaster salicifolius en Cotoneaster watereri en de daartoe behorende cultivars en van het geslacht Photinia davidiana (Stranvaesia Hort.);
Crataegus calycina, Crataegus laevigata en Crataegus monogyna met uitzondering van de daartoe behorende cultivars.
**2.** Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor de in onderdeel b genoemde planten:
voor zover de bedoelde handelingen plaatsvinden in het kader van de bedrijfsmatige teelt van boomkwekerijgewassen;
voor zover de bedoelde handelingen plaatsvinden in de in bijlage 2 apart aangewezen gebieden waarin de meidoorn een landschappelijk bepalende rol speelt.
Hoofdstuk 3 › § 3.2
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Regeling plantgezondheid· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 19 juni 2021