Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8 › § 8.1 › § 8.1.1

Artikel 8.1

Bijeenroeping

Onderdeel van Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 31 maart 2021

1. De Voorzitter roept de Kamer bijeen zo vaak als hij dit nodig acht. 2. De Voorzitter roept de vergadering in ieder geval binnen een redelijke termijn bijeen als dit door ten minste dertig leden of door de regering schriftelijk wordt verzocht onder opgave van redenen. 3. De Kamer kan ook zelf besluiten op welke dag en welk uur zij weer bijeenkomt. Bij onvoorziene omstandigheden kan de Voorzitter de Kamer toch op een ander tijdstip bijeenroepen. 4. Het Presidium kan algemene richtlijnen vaststellen voor de dagen en uren waarop de Kamer doorgaans bijeenkomt en voor de perioden waarin de Kamer met reces is. De Voorzitter houdt daarmee zoveel mogelijk rekening. 5. De leden worden voor elke vergadering tijdig bijeengeroepen. De te behandelen onderwerpen worden daarbij vermeld. Treedt in werking met ingang van de dag waarop de nieuw gekozen Kamer na de eerstvolgende verkiezingen voor de eerste keer samenkomt.

Rechtspraak bij dit artikel