Het Huis voor klokkenluiders (hierna: het Huis) is onder meer bedoeld voor werknemers in Nederland1De Wet Huis voor klokkenluiders geldt niet in Caribisch Nederland (Bonaire Sint Eustatius, Saba); in de Wet Huis voor klokkenluiders is geen expliciete bepaling opgenomen waardoor de wet van toepassing zou zijn in Caribisch Nederland. die melding willen doen van (een vermoeden van) een misstand van maatschappelijk belang. Het Huis zorgt voor een betere bescherming van werknemers door het geven van advies, het uitvoeren van onderzoek en door organisaties te stimuleren hun integriteit te bewaken.
Hiertoe kan de afdeling Onderzoek van het Huis, na beoordeling van de ontvankelijkheid, onderzoek verrichten naar een vermoeden van een misstand van maatschappelijk belang2Uit artikel 3a van de Wet Huis voor klokkenluiders volgt dat de afdeling Onderzoek tot taak heeft te beoordelen of een verzoek om een onderzoek ontvankelijk is met inachtneming van de criteria uit artikel 6 van de wet Huis voor klokkenluiders.. Ook kan de afdeling Onderzoek van het Huis een onderzoek doen naar de bejegening van de melder van een vermoeden van een misstand van maatschappelijk belang.
Het begrip werknemer wordt in de Wet Huis voor klokkenluiders opgevat als: degene die op basis van een arbeidsovereenkomst arbeid verricht of heeft verricht, dan wel degene die anders dan uit dienstbetrekking arbeid verricht of heeft verricht, zoals een uitzendkracht, een zelfstandige zonder personeel, stagiair of vrijwilliger. Het Huis geeft een ruime uitleg aan dit begrip binnen het wettelijk kader.
Onder een vermoeden van een misstand van maatschappelijk belang wordt verstaan: het in het geding zijn van het maatschappelijk belang bij een schending van een wettelijk voorschrift en/of een gevaar voor de volksgezondheid, en/of een gevaar voor de veiligheid van personen en/of een gevaar voor aantasting van het milieu, en/of een gevaar voor het goed functioneren van de openbare dienst of een onderneming als gevolg van een onbehoorlijke wijze van handelen of nalaten. Dit vermoeden moet gebaseerd zijn op redelijke gronden.
De onderzoekstaak van de afdeling Onderzoek van het Huis wordt in artikel 3a, lid 3, van de Wet Huis voor klokkenluiders als volgt beschreven:
Het beoordelen of het verzoekschrift met inachtneming van de voorwaarden (zoals bedoeld in de artikelen 5 en 6 van de Wet Huis voor klokkenluiders) tot een onderzoek moet leiden.
Het op basis van een verzoekschrift instellen van een onderzoek naar het vermoeden van een misstand van maatschappelijk belang en/of de wijze waarop de werkgever zich jegens de werknemer heeft gedragen naar aanleiding van een melding van een vermoeden van een misstand van maatschappelijk belang.
Het instellen van een onderzoek naar het vermoeden van een misstand van maatschappelijk belang naar aanleiding van een of meerdere adviesvragen.
Het naar aanleiding van uitgevoerde onderzoeken formuleren van aanbevelingen.
Indien er een schijn van belangenverstrengeling kan ontstaan bij de behandeling van een onderzoek, zal de medewerker van het Huis dit onverwijld aan de voorzitter van het Huis moeten melden. De voorzitter beslist dan per geval of de betreffende medewerker zich om deze reden van deelneming aan het onderzoekstraject onthoudt. Dit is geregeld in artikel 3g van de Wet Huis voor klokkenluiders. In dit artikel wordt ook een aantal voorbeelden gegeven van situaties van belangenverstrengeling.
Van het bestuurslid wordt in het geval van belangenverstrengeling verwacht dat hij zich onthoudt van deelneming aan het onderzoek. Dit is geregeld in artikel 3f van de Wet Huis voor klokkenluiders.
Artikel 1
Inleiding
Onderdeel van Onderzoeksprotocol Huis voor klokkenluiders· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 18 mei 2021