Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Verdere aanvullende eisen

Onderdeel van NL aanvullende accreditatie-eisen certificeringsorganen Autoriteit Persoonsgegevens· Privacy

Deze tekst geldt sinds 16 juni 2021

Het certificeringsorgaan stelt procedures vast voor de bijwerking van de evaluatiemethoden voor de toepassing in het kader van de evaluatie overeenkomstig punt 7.4 van ISO 17065 en onderhavig document. De bijwerking moet plaatsvinden in het kader van wijzigingen in het wettelijk kader, de relevante risico's, de stand van de techniek en de uitvoeringskosten van de technische en organisatorische maatregelen. De certificeringsorganen stellen procedures vast om de opleiding van hun werknemers te waarborgen met het oog op de actualisering van hun vaardigheden, rekening houdend met de in punt 9.1 van dit document vermelde ontwikkelingen. Er dienen procedures te worden vastgesteld voor de toepassing van passende procedures en communicatiestructuren tussen het certificeringsorgaan en zijn cliënt of aanvrager. Dit omvat: Het bijhouden van documentatie over de taken en verantwoordelijkheden van het geaccrediteerde certificeringsorgaan, met het oog op het beantwoorden van informatieverzoeken; of om contact op te nemen in geval van een klacht over een certificering. Het onderhouden van een aanvraagprocedure met het oog op informatie over de status en het resultaat van een aanvraag; evaluaties door de AP met betrekking tot terugkoppeling; beslissingen van de AP. Er gelden geen aanvullende eisen. Als integraal onderdeel van het managementsysteem wordt een klachtenbehandelingsprocedure vastgesteld, waarmee name de eisen van punt 4.1.2.2, onder c), punt 4.1.2.2, onder j), punt 4.6, onder d), en punt 7.13 van ISO 17065 moeten worden uitgevoerd. Relevante klachten en bezwaren moeten met de AP worden gedeeld. De procedures in geval van schorsing of intrekking van de accreditatie worden geïntegreerd in het managementsysteem van het certificeringsorgaan, met inbegrip van de kennisgeving aan cliënten.

Rechtspraak bij dit artikel