**1.** Producenten van kunststofhoudend vistuig zijn verantwoordelijk voor de inzameling van een jaarlijks minimumpercentage afval van kunststofhoudend vistuig, dat voor 2022 tenminste 23% bedraagt van door hen in dat jaar in Nederland in de handel gebracht kunststofhoudend vistuig en voor de jaren 2023 tot en met 2027 per jaar 3% hoger ligt.
**2.** Onze Minister kan het percentage met ten hoogste 10% naar boven of naar beneden bijstellen voor 2022 en dat voor de jaren 2023 tot en met 2027 jaarlijks met ten hoogste 3%, indien de resultaten of verwachtingen van de haalbaarheid daarvan daartoe aanleiding geven.
**3.** Het jaarlijks minimumpercentage afval van kunststofhoudend vistuig, bedoeld in het eerste lid, geldt na inwerkingtreding van artikel 7 ook als nationaal jaarlijks minimuminzamelingspercentage als bedoeld in artikel 8, achtste lid, van EU-richtlijn kunststofproducten voor eenmalig gebruik.
Artikel 6
(minimum inzamelingspercentage voor kunststofhoudend vistuig)
Onderdeel van Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2022