Ingetrokken worden:
de Regeling van de Minister van Justitie van 10 juli 1991, houdende vrijstelling van vluchten waarbij de passagiers zijn onderworpen aan controle op gevaarlijke voorwerpen (Stcrt. 1991, 173);
de Regeling van de Minister van Justitie van 15 juli 1991, houdende regels verpakken en opbergen van inbeslaggenomen wapens, explosieven etc. (Stcrt. 1991, 157);
de Uitvoeringsregeling beveiligingsheffing;
de Regeling van de Minister van Justitie van 18 november 1993, houdende aanwijzing bewakingspersoneel luchtvaartterreinen (Stcrt. 1993, 225);
de Regeling van de Minister van Justitie van 9 mei 1995, houdende vrijstelling van vluchten waarbij de passagiers zijn onderworpen aan controle op gevaarlijke voorwerpen (Stcrt. 1995, 97);
de Regeling van de Minister van Justitie van 17 mei 2001, houdende vrijstelling van vluchten waarbij passagiers zijn onderworpen aan controle op gevaarlijke voorwerpen (Stcrt. 2001, 108); en
de Regeling uitvoering beveiliging burgerluchtvaart 2010.
Treedt in werking op het tijdstip waarop het Uitvoeringsbesluit
EG-verordening 300/2008 in werking treedt.
§ 7
Artikel 21
Artikel 21
Onderdeel van Regeling uitvoering beveiliging burgerluchtvaart 2021· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2022