Als gevolg van de invoering van de Wet differentiatie overdrachtsbelasting per 1 januari 2021 geldt voor de verkrijging van woningen onder bepaalde voorwaarden een tarief van 2% of een startersvrijstelling voor de overdrachtsbelasting. In dit besluit wordt de toepassing van deze regelingen nader toegelicht aan de hand van praktijkvragen en antwoorden.
De vragen en antwoorden 1 tot en met 20 zijn eerder op 22 maart 2021 gepubliceerd op bd.communicatie.pleio.nl. In enkele vragen wordt de bewoording ‘voor langere tijd in de woning gaat wonen’ gebruikt. Met deze bewoording wordt gedoeld op de zinsnede ‘anders dan tijdelijk als hoofdverblijf gaat gebruiken’ zoals opgenomen in artikel 14, tweede lid, en artikel 15, eerste lid, onderdeel p, WBR.
WBRWet op belastingen van rechtsverkeer
Startersvrijstelling Vrijstelling overdrachtsbelasting bedoeld in artikel 15, eerste lid, onderdeel p, WBR
Woningwaardegrens Waardegrens bedoeld in artikel 15, eerste lid, onderdeel p, ten 4º, WBR
8%-tarief Het algemene tarief overdrachtsbelasting, bedoeld in artikel 14, eerste lid, WBR
2%-tarief Het lage tarief overdrachtsbelasting, bedoeld in artikel 14, tweede lid, WBR
Artikel 1
Inleiding
Onderdeel van Overdrachtsbelasting, startersvrijstelling en 2%-tarief; vragen en antwoorden· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 24 juli 2021