Op het berekenen van de afstanden voor het plaatsgebonden risico, bedoeld in de artikelen 11.2, onder d, 11.3, onder c en d, 11.4, onder a, en 11.5, eerste lid, onder b, onder 1°, van het Besluit kwaliteit leefomgeving, is van toepassing:
voor een activiteit als bedoeld in bijlage VII, onder A en B, bij het Besluit kwaliteit leefomgeving: modules I en II van het Rekenvoorschrift omgevingsveiligheid en Safeti-NL;
voor windturbines als bedoeld in bijlage VII, onder D, onder 1, en onder E, onder 1, bij het Besluit kwaliteit leefomgeving: module IV van het Rekenvoorschrift omgevingsveiligheid;
voor buisleidingen als bedoeld in bijlage VII, onder D, onder 2, bij het Besluit kwaliteit leefomgeving: module V van het Rekenvoorschrift omgevingsveiligheid en:
voor ondergrondse buisleidingen voor aardgas: Carola; en
voor ondergrondse buisleidingen voor andere stoffen dan aardgas: Safeti-NL; en
voor een activiteit als bedoeld in bijlage VII, onder E, onder 2 tot en met 13, bij het Besluit kwaliteit leefomgeving: modules I en II van het Rekenvoorschrift omgevingsveiligheid en Safeti-NL.
Hoofdstuk 12 › Afdeling 12.1 › § 12.1.1
Artikel 12.1
(methode berekenen afstanden plaatsgebonden risico)
Onderdeel van Omgevingsregeling· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024