**1.** Voor zwaveldioxide geldt een alarmeringswaarde van 500 μg/m3 als uurgemiddelde concentratie gedurende drie achtereenvolgende uren.
**2.** Voor stikstofdioxide geldt een alarmeringswaarde van 400 μg/m3 als uurgemiddelde concentratie gedurende drie achtereenvolgende uren.
**3.** Voor ozon gelden de volgende alarmeringswaarden:
180 μg/m3 als uurgemiddelde concentratie; en
240 μg/m3 als uurgemiddelde concentratie.
**4.** Voor PM10 gelden de volgende alarmeringswaarden:
70 μg/m3 als daggemiddelde concentratie; en
100 μg/m3 als daggemiddelde concentratie.
**5.** De alarmeringswaarden, bedoeld in het eerste, tweede en vierde lid, gelden in gebieden van ten minste 100 km2 of in een volledige agglomeratie of zone als bedoeld in artikel 2.38 respectievelijk artikel 2.39.
Hoofdstuk 15 › Afdeling 15.3 › § 15.3.2
Artikel 15.2
(alarmeringswaarden verontreinigende stoffen in de buitenlucht)
Onderdeel van Omgevingsregeling· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024