**1.** Het adviescollege heeft tot taak de regering te adviseren over het beloningsniveau, de onderlinge beloningsverhoudingen en overige geldelijke aanspraken van:
de leden van de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal;
Onze ministers en staatssecretarissen;
de leden van de Raad van State;
de leden van de Algemene Rekenkamer;
de Nationale ombudsman en de substituut-ombudsmannen;
de leden van provinciale staten;
de leden van een commissie als bedoeld in de artikelen 80, 81 en 82 van de Provinciewet, die niet tevens statenlid zijn of ambtenaren die als zodanig tot lid van een commissie zijn benoemd;
de commissarissen van de Koning en gedeputeerden;
de leden van gemeenteraden;
de leden van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, die niet tevens raadslid zijn of ambtenaren die als zodanig tot lid van een commissie zijn benoemd;
de burgemeesters en wethouders;
de leden van het algemeen bestuur van waterschappen;
de voorzitters en leden van het dagelijks bestuur van waterschappen;
de leden van een commissie die door het algemeen bestuur van een waterschap bij verordening is ingesteld, die niet tevens lid van het algemeen bestuur zijn of ambtenaren die als zodanig tot lid van een commissie zijn benoemd;
de leden van de eilandsraden;
de gezaghebbers en de eilandgedeputeerden, en
de Rijksvertegenwoordiger BES.
**2.** In aanvulling op het eerste lid heeft het adviescollege tot taak:
een bewindspersoon of gewezen bewindspersoon te adviseren over de aanvaardbaarheid van het aangaan van een dienstverband als bedoeld in artikel 2 van de Wet regels vervolgfuncties bewindspersonen;
Onze Minister-President te adviseren over een ontheffing als bedoeld in de artikelen 3, derde lid, en 4, vierde lid, van de Wet regels vervolgfuncties bewindspersonen, en
de adviezen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, 3, derde lid, en 4, vierde lid, van de Wet regels vervolgfuncties bewindspersonen, alsmede de naam van een gewezen bewindspersoon en een aanvaard dienstverband, bedoeld in artikel 2, tiende lid, van die wet, openbaar te maken.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Wet adviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 20 februari 2026