**1.** De gemeente waaraan op grond van artikel 2 een specifieke uitkering is verstrekt, legt verantwoording af over de besteding daarvan, op de wijze, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet.
**2.** De Minister stelt de specifieke uitkering vast uiterlijk op 31 december van het jaar waarin de gemeente de verantwoording, bedoeld in het eerste lid, heeft verstrekt.
**3.** Als uit de verantwoordingsinformatie blijkt dat de specifieke uitkering niet volledig is besteed aan de activiteiten waarvoor deze is verstrekt, of onrechtmatig is besteed, of dat niet is voldaan aan de verplichtingen gesteld op grond van artikel 3 kan de uitkering ter hoogte van het niet of onrechtmatig bestede deel door de Minister worden teruggevorderd. De Minister doet binnen een jaar na ontvangst van de verantwoordingsinformatie, bedoeld in het eerste lid, mededeling van de terugvordering aan de gemeente.
Artikel 7
Verantwoording en terugvordering
Onderdeel van Regeling specifieke uitkering snelheid woningbouw· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 8 december 2021