**1.** Onze Minister van Financiën kan een bestuurlijke boete opleggen indien er sprake is van handelen in strijd met artikel 11, eerste of tweede lid, of artikel 12.
**2.** De op grond van het eerste lid op te leggen bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de vierde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.
Hoofdstuk 7
Artikel 23
Bestuurlijke boete
Onderdeel van Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 november 2022