**1.** Tijdens het examen wordt de in artikel 21 omschreven kennis getoetst, waarbij als richtlijn de navolgende indeling wordt gehanteerd:
burgerlijk procesrecht, daaronder begrepen appel- en cassatieprocesrecht in samenhang met het privaatrecht en de voorgeschreven jurisprudentie;
cassatietechniek;
administratieve en financiële aspecten van de cassatiepraktijk.
**2.** Het examen is met goed gevolg afgelegd indien het resultaat van elk van de in het vorige lid opgenomen onderdelen als voldoende kan worden aangemerkt.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.3
Artikel 22
Afleggen examen
Onderdeel van Regeling op de advocatuur· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2015