**1.** Deze regeling geldt in aanvulling op de Kaderregeling.
**2.** Onverminderd artikel 1.7 van de Kaderregeling verstrekt de minister bij projectsubsidies op grond van hoofdstuk 3 van deze regeling subsidie voor loonkosten op basis van een maximaal uurtarief, waarbij:
het maximale uurtarief overeenkomt met het kostendekkende tarief per uur van schaal 13 voor de integrale loonkosten in de Handleiding Overheidstarieven van het kalenderjaar waarin de subsidieaanvraag is ontvangen; en
de minister van het maximale uurtarief kan afwijken indien toepassing van het maximale uurtarief gelet op de aard van het uurtarief en de aard van de functie tot een evident onredelijke uitkomst zou leiden.
Bij nieuwe aanvragen voor projectsubsidies zal een gedifferentieerd uurtarief per categorie medewerker/ functieniveau een vereiste zijn.
**3.** In afwijking van artikel 4.1 van de Kaderregeling besluit de minister op een aanvraag voor alliantiesubsidie overeenkomstig de termijnen, genoemd in de artikelen 2.5 en 2.6.
**4.** In afwijking van artikel 8.1 van de Kaderregeling wordt subsidie op grond van hoofdstukken 2 en 3 van deze regeling voor vijf boekjaren tezamen verleend en over vijf boekjaren tegelijk vastgesteld.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.2
Toepassing Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS
Onderdeel van Subsidieregeling gender- en LHBTI+-gelijkheid 2022–2027· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 18 februari 2022