**1.** De subsidie bedraagt:
per bouwwerktuig of hulpfunctie, als bedoeld in artikel 3.1, onderdelen a tot en met g, ten hoogste een percentage van de kosten van de maatregelen, tot een bedrag van ten hoogste € 300.000, waarbij dit percentage 30% voor kleine en middelgrote ondernemingen en 25% voor grote ondernemingen is;
voor de maatregel, bedoeld in artikel 3.1, onderdeel h, ten aanzien van een zeegaand bouwvaartuig ten hoogste 30% van de kosten van de maatregel tot een bedrag van ten hoogste € 300.000;
in afwijking van de onderdelen a en b bedraagt het maximale subsidiebedrag voor een emissieloos bouwwerktuig, emissieloze hulpfunctie of elektrische installatie op een zeegaand bouwvaartuig met een continu elektrisch motorvermogen groter of gelijk aan 300 kW ten hoogste € 500.000;
in het geval van ombouw naar een emissieloos bouwwerktuig dat gebruik maakt van verwisselbare batterijpakketten wordt ten hoogste één verwisselbaar batterijpakket tot de netto investeringskosten gerekend, waarbij de subsidie voor aanvullende verwisselbare batterijpakketten als bedoeld in bijlage 1, onderdeel A, nummer A2.7 bedraagt:
voor een grote onderneming € 60 per kWh opslag;
voor een kleine of middelgrote onderneming € 85 per kWh opslag.
**2.** De kosten per bouwwerktuig, hulpfunctie of zeegaand bouwvaartuig, bedoeld in het eerste lid, worden bepaald op basis van de netto investeringskosten die onder artikel 3.1 subsidiabel zijn.
**3.** De steunintensiteit wordt per maatregel op een zeegaand bouwvaartuig met 15 procentpunten verhoogd voor subsidie aan een kleine of middelgrote onderneming.
**4.** Artikel 2.2, zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.2
Hoogte subsidie
Onderdeel van Subsidieregeling schoon en emissieloos bouwmaterieel· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 20 januari 2026