Naar hoofdinhoud

Artikel 30

Intrekking en terugvordering

Onderdeel van Subsidieregeling AMIF, ISF en BMVI 2021–2027· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 14 mei 2022

1. Onverminderd het bepaalde in afdeling 4.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht kan de minister de subsidieverlening intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger of de penvoerder wijzigen, indien: het project wordt uitgevoerd in afwijking van de projectbeschrijving, voor zover de subsidieverlening daarop was gebaseerd; de doelstellingen van het project niet of slechts ten dele worden gerealiseerd; de subsidieontvanger of de penvoerder niet of niet meer beschikt over de benodigde operationele en financiële capaciteit voor de uitvoering van de voorgenomen activiteiten; de subsidieontvanger of de penvoerder daartoe verzoekt; anderszins in strijd wordt gehandeld met de Verordening gemeenschappelijke bepalingen, de Verordening AMIF, of de Verordening ISF of de Verordening BMVI; bij een controle door een nationale instantie dan wel een Europese controle-instantie onregelmatigheden in de administratie zijn aangetroffen en subsidieontvanger of penvoerder deze niet of in onvoldoende mate heeft gecorrigeerd dan wel diens toelichting omtrent de onregelmatigheden onvoldoende wordt geacht. 2. De subsidieverlening wordt niet op grond van het eerste lid, onderdeel a, ingetrokken of ten nadele van de subsidieontvanger of penvoerder gewijzigd, indien de afwijking van de bij de subsidieaanvraag gevoegde projectbeschrijving vooraf aan de minister is voorgelegd en de minister daarmee schriftelijk heeft ingestemd. Voor zover de minister niet met afwijking heeft ingestemd, verricht de subsidieontvanger of de penvoerder die activiteiten voor eigen rekening en risico.

Rechtspraak bij dit artikel