Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 5

Artikel 5

Onderdeel van Kaderbesluit overige JenV-subsidies· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2022

1. Voor subsidie komen in aanmerking de redelijk te maken kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt. 2. De subsidiabele kosten worden door de aanvrager berekend op basis van een voor de aanvrager gebruikelijke en voor Onze Minister controleerbare methode, die is gebaseerd op bedrijfseconomische grondslagen en normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd. 3. De subsidiabele kosten worden door Onze Minister op hun aannemelijkheid en redelijkheid getoetst. 4. Tenzij bij ministeriële regeling anders is bepaald, wordt geen subsidie verstrekt voor activiteiten voor zover die kosten uit anderen hoofde zijn of worden gesubsidieerd of gefinancierd. 5. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat vóór de indiening van de aanvraag door de aanvrager gemaakte kosten niet in aanmerking komen voor subsidie. 6. Verschuldigde btw komt uitsluitend voor subsidie in aanmerking ingeval de aanvrager de btw niet kan verrekenen met de door hem af te dragen omzetbelasting. 7. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de kosten die voor subsidie in aanmerking komen. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Kaderwet overige JenV-subsidies in werking treedt.

Rechtspraak bij dit artikel