**1.** Een machtiging als bedoeld in artikel 48, eerste lid, is met redenen omkleed en ondertekend en vermeldt:
de naam van de rechter-commissaris die de machtiging heeft gegeven;
de naam of het nummer en de hoedanigheid van degene aan wie de machtiging is gegeven;
de wettelijke bepaling waarop de doorzoeking berust en het doel waartoe wordt doorzocht;
de dagtekening.
**2.** Indien het doorzoeken dermate spoedeisend is dat de machtiging niet tevoren op schrift kan worden gesteld, zorgt de rechter-commissaris zo spoedig mogelijk voor de opschriftstelling.
**3.** De machtiging blijft ten hoogste van kracht tot en met de derde dag na die waarop zij is gegeven.
**4.** Dit artikel geldt in afwijking van artikel 6 van de Algemene wet op het binnentreden.
Hoofdstuk 7
Artikel 49
Artikel 49
Onderdeel van Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames· Mededingingsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juni 2023