Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 9

(relatie Onze Minister en dienstaanbieder)

Onderdeel van Wet vrachtwagenheffing· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2026

1. Als een dienstverleningsovereenkomst is gesloten, opgeschort, of beëindigd, en als de houder een melding heeft gedaan als bedoeld in artikel 4, derde lid, geeft de dienstaanbieder dat onmiddellijk door aan Onze Minister. Artikel 2, vierde lid, van Uitvoeringsverordening (EU) 2020/204 is van overeenkomstige toepassing op de gegevensverstrekking door de hoofddienstaanbieder aan de tolheffer. 2. De dienstaanbieder geeft voor vrachtwagens met een geldende dienstverleningsovereenkomst, dagelijks via elektronische weg aan Onze Minister door hoeveel gereden kilometers op de dag hieraan voorafgaand per vrachtwagen geregistreerd zijn op wegvakken als bedoeld in de bijlage en het voor die vrachtwagen verschuldigde bedrag voor die dag. 3. De dienstaanbieder betaalt het door de houder verschuldigde bedrag van de vrachtwagenheffing aan Onze Minister binnen vier weken nadat de gegevens, bedoeld in het tweede lid, aan Onze Minister zijn doorgegeven. 4. Onze Minister is bevoegd om de gegevens, bedoeld in artikel 14, tweede lid, die met behulp van een technisch hulpmiddel zijn vastgelegd, te verwerken ten behoeve van de verificatie, bedoeld in artikel 32, eerste lid, onder b, Wet implementatie EETS-richtlijn en de controle, bedoeld in artikel 12, eerste lid, Wet implementatie EETS-richtlijn. 5. Verwerking voor het doel, bedoeld in het vierde lid, kan plaatsvinden door de vastgelegde gegevens door middel van een technisch systeem geautomatiseerd te vergelijken met andere gegevens die voor dit doel zijn verkregen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel